FAQ

Indien een vzw toch BTW-plichtige activiteiten zou organiseren maar de omzet (dus de bruto-BTW-plichtige verkopen) is lager dan 25.000 Euro per jaar dan moet de vzw een BTW-nummer aanvragen maar kan de vzw onmiddellijk opteren voor de vrijstellingsregeling. Dit betekent dat de vzw geen BTW moet aanrekenen en geen BTW-aangiften moet indienen zolang de BTW-plichtige verkopen of ontvangsten niet hoger zijn dan 25.000 Euro. De vzw kan dan ook geen BTW in aftrek brengen.


Indien de vzw bv. in de loop van het 3de kwartaal dit bedrag overschrijdt, dan moet de vzw vanaf dat kwartaal BTW-aangiften indienen en heeft de vzw uiteraard ook recht op aftrek voor de handelingen in dit kwartaal. Uit een antwoord op een parlementaire vraag van 28/04/2015 blijkt echter dat er een administratieve tolerantie bestaat die toelaat om de vrijstellingsregeling te behouden indien de overschrijding van het bedrag van 25.000 Euro uitzonderlijk is en niet meer bedraagt dan 10 %.


De drempel voor toepassing van deze BTW-vrijstellingsregeling werd per 1/1/2016 opgetrokken van 15.000 Euro naar 25.000 Euro